Monthly Archives: February 2015

Zwijgen is niet altijd goud

Het is half acht als ik thuis kom na een lange werkdag. In de woonkamer zie ik mijn partner die in zijn favoriete stoel een boek zit te lezen. “Hallo, daar ben ik weer. Heb jij al gegeten?” zeg ik. Hij geeft geen antwoord en blijft lezen. Heel even ben ik verbaasd maar dan snap ik het. Hij is kwaad dat ik zo laat ben en niet heb gebeld. Wat is hij lichtgeraakt!

Zwijgen is ook communiceren. Net als bij elke eenheid van communicatie, zitten daar drie aspecten aan. We nemen onder de loep wat ik opvang van die drie aspecten (al heb ik dat in een flits gedaan, en niet zo expliciet)

  • De inhoud, in dit geval dus stilte.
  • Het relationele aspect, waarin degene die een boodschap zendt, iets laat merken over de relatie zoals hij die ziet. In dit geval: wij kennen elkaar al heel lang en wij hebben bepaalde omgangsvormen.
  • Het appellerend aspect, waarin de zender een appel doet op de ander. In dit geval vang ik het appel op dat ik excuses moet maken voor mijn late komst zonder bericht.

Veel meer dan uit de inhoud van wat gezegd wordt, halen we als ontvangers het relationele en het appellerend aspect uit de non-verbale informatie: de context (de late thuiskomst), de lichaamstaal (blijven lezen) en niet te vergeten onze eigen innerlijke toestand, die je ook tot context zou kunnen rekenen. Bij gesproken woord is ook de toon van groot belang.

Als iemand zwijgt, en de ontvanger dus geen houvast heeft aan de inhoud van het bericht, is de non-verbale  informatie de enige bron van informatie. En die is vrijwel nooit eenduidig. De innerlijke opvattingen van de ontvanger spelen dan vaak een (te) grote rol.

Terwijl ik naar hem toeloop, begin ik met mijn excuses en verdediging: “Sorry, dat ik niet gebeld heb dat ik later was, mijn telefoon was leeg. Maar ik had vanmorgen al gezegd dat ik laat zou zijn.” Ik ben nu bijna bij hem en dan kijkt hij op. En dan zie ik dat hij oordopjes in zijn oren heeft en naar muziek luistert. Hij neem de dopjes uit zijn oren en zegt: “Fijn dat je er bent, het eten is klaar.”

Wat heb ik gedaan? Op basis van zwijgen en doorlezen heb ik de ene conclusie na de andere getrokken: hij doet dit expres, er is dus iets aan de hand, hij zal wel kwaad zijn omdat ik niet gebeld heb, hij verwacht excuses en daarom kijkt hij niet op, hij is een lichtgeraakt type.

Ik ben de inferentieladder opgeklommen. De term komt van het Engelse “to infer” gevolgtrekking maken, concluderen. Ik heb de ene conclusie op de andere gestapeld, zonder te controleren of de feiten waarvan ik uitging wel juist waren geïnterpreteerd. Een bron van misverstanden.

Wat een geluk dat mijn partner oordopjes in zijn oren had, want anders was er een wellicht een onnodige ruzie ontstaan. Als iemand zwijgt (of spreekt), wees voorzichtig met de interpretatie daarvan.