Monthly Archives: June 2014

Waarom helpen niet altijd helpt.

Hoor het volgende gesprek tussen twee collega’s A en B:

A: “Ik weet niet wat ik moet doen, dit loopt helemaal uit de hand. Mijn cliënt is ontevreden en dreigt de opdracht te beeïndigen.  Maar ik heb gewoon gedaan wat hij gevraagd heeft en nu zegt hij dat hij iets anders had gewild. Hoe kan ik hem dat duidelijk maken?” (1)
B: “Misschien moet je even een aparte afspraak maken om alles rustig te bespreken?” (2)
A: “Nee, dat wil hij niet. Hij is zo ongeduldig.” (3)
B: “Zal ik met je meegaan om de kou uit de lucht te krijgen?”(4)
A: “Ik weet helemaal niet of dat goed valt, dat durf ik niet aan. Hij kent jou ook helemaal niet.”(5)
B: “Tja, dan weet ik het ook niet meer.”(6)
A: “Aan jou heb ik ook nooit wat.”(7)

Allebei zijn ze ontevreden over dit gesprek. A voelt zich niet geholpen en B vindt dat hij stank voor dank krijgt. Ze zitten in een patroon waar geen uitweg uit is – het aantal heen-en-weer argumenten had nog 3x zo groot kunnen zijn , want A wil (onbewust) niet geholpen worden.  En B heeft dat niet door en gaat maar door met helpen.

Dit patroon van communicatie wordt de drama-driehoek genoemd. In de dramadriehoek zijn drie rollen:   Slachtoffer/klager,  Aanvaller/aanklager, Redder/helper.                                                                                         dramadriehoek

 

Het kenmerkende van het patroon is dat de beide personen tussen die rollen heen en weer springen zonder dat een bevredigend einde wordt gevonden. In de communicatie (1),(3) en (5) is A slachtoffer. Hij heeft het moeilijk. B probeert hem met (2), en (4) te helpen, te redden. A laat zich niet redden, niets werkt. Dan wordt B bij communicatie (6) ineens zelf slachtoffer: hij geeft het op. En dat straft A af met de rol van aanklager: hij verwijt B dat hij niet helpt (7).

Herkenbaar?  De beschrijving van de dramadriehoek komt uit de Transactionele Analyse. Dit patroon kun je herkennen doordat je merkt dat het gesprek zich herhaalt en onaangenaam is voor iedereen. Eigenlijk zou er geluid bij dit voorbeeld moeten zijn. Want een verschil in toon kan een verschil in rol betekenen. Zo kan bijv. communicatie (6) op drie manieren worden gezegd: als slachtoffer, neutraal als constatering (in een poging uit de driehoek te stappen) of als aanvaller.

 De beste oplossing is om uit deze driehoek te stappen. Dat wil zegen dat je benoemt wat er gebeurt en duidelijk maakt dat je daar niet meer aan meedoet. In het voorbeeld kan elk van beiden zeggen: ”Ik geloof dat we niet opschieten, geen enkel advies lijkt  te helpen. Zullen we samen kijken wat  er aan de hand is?”Als je samen in een onderzoekende houding de kwestie bekijkt, is er geen sprake meer van slachtoffer en redder.